Totaal aantal pageviews

zondag 3 februari 2013

Maar ik vind je heel lief

Het geluid van de wekker. De nachtmerrie die haar hoofd nog niet uit was. Die verder ging, terwijl het licht van de lantaarnpalen nog scheen in het duistere van de ochtend. Het gaf een dof en stil gevoel. Haar bed was eigenlijk veel te warm om nu al te verlaten. Snel, douchen (dan weer te heet, dan weer te koud, maar nooit gewoon goed), wat ontbijt naar binnen proppen, tanden poetsen, wat moest ze nou toch aan? Het haren föhnen duurde te lang, waar was dat parfumflesje toch gebleven? Pas na tienen zou ze weer aanspreekbaar zijn. Niets haatte ze meer dan zo vroeg opstaan. Ze keek op de klok. Het was 22:50.

De tranen kwamen in haar ogen. Waarom stopte de nachtmerrie niet bij het wakker worden? Het was geen nachtmerrie. Het was echt. Het was puur.
___

‘Aan niemand doorvertellen,’ fluistert ze in zijn oor. ‘Maar ik vind je heel lief.’
Hij glimlacht.
‘Ik jou ook. En dat mag iedereen weten.´