In feite is een bejaardentehuis, een verzorgingstehuis of zorgcentrum gewoon een wachtkamer van de dood. Iedere keer opnieuw lees je een advertentie in de krant dat een bewoner is overleden. Of je loopt langs een kamer met waar het naamplaatje verwijderd is van de deur. Mensen die je gewassen hebt, die je aangekleed hebt, mensen voor wie je een ontbijtje hebt gesmeerd, voor wie je al minstens 80 keer om half 6 je bed bent uitgegaan. Mensen voor wie je koffie hebt gehaald, mensen die je moest verschonen, mensen waar je naar toe rende omdat ze per ongeluk op de alarmknop hadden gedruk. Dan opeens zijn ze er niet meer. Dood. En je weet van sommige mensen dat ze niet geloofden. Aangrijpend.
En de wachtkamer vult zich weer nadat de sporen van de vele sigaretten verwijdert zijn, de wachtkamer vult zich met mensen die op hun dood gaan wachten terwijl er af en toe een zuster binnen komt. Ik zou willen dat ik, als ik in mijn witte uniform over de gang liep, tijd had om ze te vertellen van die machtige Vader daar in de hemel, die voor ze zorgt. Van een Zoon die óók voor hun stierf en opstond uit de dood zodat wij eeuwig zouden kunnen leven.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten